socialfiction | psychogeography
HORROR & TERROR
![]()
psychogeografie als mythografie
Uit de vele cynische reacties op wat er terecht is gekomen van het uitgangspunt om van de Vinex locaties geen 'grauwe huizenzeeën' te maken, blijkt de behoefte aan een middel om betekenis & ervaringsniveaus te verlenen aan grootschalige stedenbouwkundige projecten die blijkbaar buiten het bereik van de architectuur ligt. De verveling die de geplande diversiteit van Vinex opwekt schreeuwt om een manier om piekervaringen als horror & terror te integreren in de beleving van een plek zonder geschiedenis.
*
Aan het begin van de 19e eeuw maakt Ann Radcliff, schrijfster van gotische romances, onderscheid tussen 'horror' & 'terror'; horror is dat wat de ziel verkrampt & verstikt, terror dat wat de ziel & de zintuigen stimuleert. Deze 2 begrippen vormen een verdere precisiering in de 'sublime' een bepaald soort zintuiglijke ervaring die een belangrijk aspect was van de beleving in de Engelse romantiek(1789-1835). De bekendste, maar niet de enige geldende, definitie van dit fenomeen is die van Edmund Burke:
"Whatever is fitted in any sort to excite to idea of pain, and danger, that is to say, whatever is in any sort terrible, or is conversant about terrible objects, or operates in a manner analogous to terror, is a source of the sublime; that is, it is productive of the strongest emotions which the mind is capable of feeling...".
Voor de Engelse Romanticus, voldoet niets beter aan de definitie van de sublime, is er niets angstaanjagender, dan barre natuur. Vol vrees beziet men woeste rotspartijen bij onweer & de uitgestrektheid van de oceanen. Deze in onze ogen nogal bizarre angst komt voort uit een al even bizarre theorie over de geschiedenis van het uiterlijk van de aarde die Thomas Burnet in zijn geologische standaardwerk van die tijd, 'The Sacred Theory of Earth'(1681) opstelt. Volgens Burnet blijkt uit de bijbel dat in het paradijs geen open water voortkomt & dat de aarde helemaal glad, want perfect van vorm, was. Na het wegtrekken van de zondvloed bleek het aangezicht van de aarde radicaal veranderd. De eens vlakke aarde was ontsierd door bergen & zeeën die met opzet waren achtergelaten om te dienen als verschrikkelijke herinneringen aan de macht van God. Het beeld van de aarde als een enorme ruïne, dat eerder mythologisch dan wetenschappelijk lijkt, maakt het voor de romantici onmogelijk het landschap neutraal te bezien. Het bezoeken van de alpen was voor de Engelse upper class op hun grande tour over het continent dan ook geen ontspanning, maar een zenuwslopende bezigheid die diende als test voor de eigen persoonlijke weerbaarheid tegen de bovenmenselijke sensaties van het aanschouwen van de hand van God.
*
Psychogeografie, een losjes gedefinieerde bezigheid die de wandeling (of in jargon de dérive, de afdwaling) gebruikt om zich te verdiepen in de wijze waarop de omgeving en de ervaring daarvan elkaar vormen, begint als bewuste traditie in de jaren 50. De door Ralph Rumney opgerichte London Psychogeographical Association gaat in 1957 op in de situationisten, een hecht georganiseerde denktank die streefde naar het opstellen van een 'onverdedigbare' politieke radicaliteit. Stedenbouw was een belangrijk onderdeel van hun analyses. Gebruik makend van psychogeografische wandelingen onderzochten ze de wijze waarop de stad vormgegeven wordt door ideologische principes om wenselijk gedrag af te dwingen. Hoewel de situationisten graag deden alsof ze alles zelf hadden bedacht is de ontwikkeling van de psychogeografie als praktische bezigheid door de geschiedenis terug te volgen via de surrealisten, de flaneur van Baudelaire, Henry David Thoreau, de Britse Romantiek & Petrarch. Het is ook in de jaren 50 dat Kevin Lynch wetenschappelijk onderzoek doet naar het in kaart brengen van de wijze waarop de stad ervaren wordt door haar gebruikers. Het uiteindelijke doel hiervan is de ontwikkeling van een stedenbouw die ontwerpt met de inachtneming van het schaalniveau van het individu. De 'mental maps' die Lynch hierbij gebruikt worden ook door psychogeografen veelvuldig aangewend in haar studies naar stedenbouw & stedelijke ervaringen. De vergelijking tussen deze moderne pogingen om de ervaring van de (stedelijk) omgeving te identificeren enerzijds & de weergave daarvan voortkomend uit diep gevoelde persoonlijke ervaringen door de schrijvers & kunstenaars van de Engelse romantiek anderzijds, toont de matheid van de indrukken die de stad in ons weet op te wekken. De rationalisatie van ons wereldbeeld, die catastrofe theorieën zoals die van Burnet uitsluit, hebben het voor ons onmogelijk gemaakt om bij het aanschouwen van steden de rijkheid van sensaties te voelen die romantici & obsessieve wandelaars als William Wordsworth & Thomas de Quincey voelden terwijl ze door nachtelijk Londen of het Lake District dwaalden. De psychogeografie heeft, als producent van alternatieve stedenbouw strategieën, de intensivering van de stedelijke ervaring altijd als een belangrijk planologisch deelgebied gezien. De waarde van de psychogeografie ligt hierbij niet alleen op het vlak van architectonische aanbevelingen, maar vooral ook in het generen van een narratieve context voor de gebouwde omgeving die deze een dieper doorvoelde betekenislaag geeft: Psychogeografie als mythografie, als samensteller van een nieuwe mythologie voor de stad.
*
Een mythologie, als open source proces van zingeving, is de optelsom van een netwerk van verhalen die collectief ontstaan zijn & elkaar door de jaren heen bevestigen, versterken & (her)interpreteren. De mythograaf schrijft geen mythologie, maar compileert deze uit bestaand materiaal & dikt aan waar de sublime dat vereist. De verschillende manifestaties van mythologieën uit het verleden suggereren een aantal randvoorwaarden voor een succesvolle mythologie: deze is een vorm van geschiedschrijving die onherkenbaar is versmolten met het fantastische, of het is een in verhaalvorm gegoten bewijsvoeringen van een idee of filosofie. Op een nog dieper gelegen niveau is ook de omgeving waarin de mythologie ontstond direct verantwoordelijk voor de inhoud ervan; een school van Duitse geografen uit de 19e eeuw verkondigde de bijzonder militante psychogeografische opvatting dat het niet wij het landschap maken, maar dat het landschap ons maakt. Zo zou het oude testament typisch zijn voor een manier van denken die alleen kan ontstaan in een woestijn. Deze verankering van plaats & verhaal zou een mogelijke verklaring zijn voor het feit dat er in het paradijs geen water voorkwam zoals Burnet beweerde, met alle gevolgen die de gevolgtrekkingen uit dit feit had op de beleving tijdens de Engelse romantiek. De wisselwerking die hier optreed tussen omgeving & ervaring laat zien hoe groot de ruimte is om de psychogeografie aan te wenden om de psychogeografische ervaring te versterken. De psychogeograaf als mythograaf kan ook hier de 'doelloze' wandeling inzetten om de diepliggende details die het karakter van een gebied bepalen los te weken van haar context: door gesprekken af te luisteren, door de omgeving te leren waarderen voor wat deze is, door eigen vooroordelen wat het betekent om in een bepaalde omgeving te zijn los te laten, door geen kwalitatief oordeel te vellen, door alternatieve scenario's op te stellen, door follies te bouwen & graffiti te analyseren, door de geschiedenis van een gebied te bestuderen: door nauwgezet een gebied te ontleden & karakteristieke aspecten te isoleren kunnen de bouwstenen van een stedelijke mythologie ontstaan die tijd & brede verspreiding nodig hebben om tot volle wasdom te komen.
Mythologie, een voorwetenschappelijke verklaring voor het ontstaan van de wereld, is een beladen woord dat verre oudheden, astrologie, afgoden & demonen impliceert, maar het feit dat een mythologie pas achteraf, als niemand er meer in geloofd, als zodanig wordt herkend, wil niet zeggen dat we er nu niet één hebben, of dat we er niet één uit het niets kunnen produceren. 'Urban legends' zijn een praktisch voorbeeld van sterke verhalen die nu al deel uitmaken van een latente moderne urbane mythologie. Want hoewel niemand gelooft in broodje aap verhalen vol horror & terror zoals die door Ethel Portnoy zijn verzameld worden ze toch gretig doorverteld. In sommige gevallen, wanneer het verhaal voldoende tot de verbeelding weet te spreken, zoals in het geval van die alligators die zich in de riolen van New York zouden ophouden, veranderen ze daadwerkelijk ons beeld van die stad. Het huisvesten van onzichtbare ecosystemen heeft New York een stuk mysterieuzer gemaakt, het is een beeld dat de bezoeker van New York willekeurig oproept wanneer deze door de stad loopt. Dit subtiele spel tussen plaats, ervaring & context is wat de psychogeo-mythograaf wil spelen.
http://achieve.utoronto.ca/321/fine/burnet.html
http://www.urbanlegends.com/index2.html
http://httpd.chello.nl/j.knol2/broodje.html
schilderij: The Bard - John Martin